Hoe het allemaal begon...

In 1991 begon de racecarrière van Jaap Kielman op het ovalcircuit in Lelystad. De eerste auto was een oude Ford Taunus, die door Jaap en een aantal vrienden was omgebouwd tot een speedwaykanon. Flink driftend werd er over het circuit gereden en was er nogal wat schade te noteren, oval racing is een full-contact sport waar nogal behoorlijk geleund wordt, waardoor de Taunus een paar wedstrijden later met de oudijzerboer mee kon, omdat hij meer leek op een Mini dan een Ford, zo kort was hij geworden.
In 1992 kwam Jaap met een nieuwe Taunus, nu voorzien van een 3 liter V6 met een slordige 260 pk in het vooronder. Helaas werd de eerste race de neus volledig van de auto gescheiden en kon er op de sloop een nieuwe worden gehaald om zijn plaats in te nemen, daarna ging het eigenlijk zonder brokken, behalve die keer dat een Chevrolet Camaro Jaap zo hard een duw gaf, dat hij met z'n achteras op de vangrail stond. Sleutelen maar weer... Ondanks al deze perikelen werd Jaap derde in het kampioenschap en een jaar later zelfs tweede. In 1994 moest door omstandigheden een aantal wedstrijden worden gemist, waardoor er niet meer in zat dan een vijfde plaats.

Na het ovalracing avontuur besloot Jaap om in de winter van 1995 de wintercursus te volgen op Zandvoort. Diezelfde winter werd een Ford Capri uit 1971 gekocht, die ooit had gereden bij het NMB Racing Team van Han Akersloot en Hans Hugenholz. De wagen kwam letterlijk in stukjes en beetjes aan in 't Harde en is met heel veel manuren weer opgebouwd tot een volwaardig racemonster voor de Youngtimer klasse. De wagen kwam door het vele werk slechts aan de start bij de laatste drie races, waarvan er twee werden gewonnen! Een jaar later, na het inbouwen van een verse 6-cilinder met 350 pk werd het kampioenschap binnengehengeld.

Als je eenmaal besmet bent met het racevirus, wil je steeds meer. Daarom werd na lang overleg besloten om in 1996 deel te gaan nemen in de DTCC, op dat moment de koningsklasse in de nationale racerij. Geheel op eigen kracht werd door het team een Opel Astra GSI 16-klepper opgebouwd, die voor het eerst aan de start stond bij de paasraces op Circuitpark Zandvoort in 1997. Het werd een jaar met ups en downs, omdat de Astra nogal wat kinderziektes vertoonde, waardoor Jaap niet verder kwam dan een negende plaats in het kampioenschap. Een jaar later ging nog minder en werd Jaap slechts twaalfde.
Gelukkig kwam in 1999 de ommekeer en streed Jaap regelmatig lekker voorin mee, vooral als het regende. Een kampioenschap zat er niet in, maar er werden wel een flink aantal bekers mee naar huis genomen als Jaap weer op het podium had gestaan.

Na het ter ziele gaan van de DTCC heeft Jaap in 2004 de racehandschoen weer opgepakt en een Renault Clio gekocht. Door omstandigheden, zoals griep en een gebroken sleutelbeen, moest Jaap een aantal races laten schieten en eindigde hierdoor in de achterhoede in de eindklassering. Het was de bedoeling om in 2005 opnieuw met de Clio te gaan gummen op het circuit, maar een grote verbouwing van de garage laat dat helaas niet toe. Maar in 2006 komt Jaap terug, want als je eenmaal met het racevirus besmet bent...